Vrolijke boel
Ook dit wordt geen feestartikel.
Dan weet je dat alvast.
Gisterenavond stapte ik in bed met de zwaarmoedigheid die ik zo goed ken.
Ik wilde nog maar één ding: bij Mignonne en Terri zijn.
Verder niets.
Helemaal niets.
Nou ja, slapen, dat wilde ik ook.
De wens om niets meer te moeten is groot.
Groter.
Grootst.
Geen optredens.
Geen muziek.
Geen Hyves, geen MySpace.
Onderduiken.
Verdwijnen.
Monnikenbestaan.
Maar het is zo tegenstrijdig als het maar kan zijn.
Ik wil wel optreden.
Maar het gedoe er omheen niet.
En soms een bericht van iemand via de community-sites is ook best leuk (screw de forwarders btw!).
Hattrick.
Ook mooi.
Erg leuk om me druk te maken om niets.
Inloggen om gewoon in te loggen.
Soms een lulverhaaltje op de JV70-site.
Zie je.
Ik doe het allemaal toch.
Alles wat ik wel wil en doe, doe en wil ik ook helemaal niet.
Ik heb nog nooit voor de volle honderd procent kunnen kiezen.
Mijn hele leven nog niet.
Ik maak korte rushes en laat dan alles vallen.
Ik werk me in een korte tijd letterlijk kapot en stort dan in elkaar.
Ik semi-herstel, pak de draad weer op en draai dezelfde riedel af.
Vallen, opstaan.
Opstaan, vallen.
Niets constructiefs.
Rennen tot ik er bij neerval.
Want op een dag sta ik niet meer op.
Net als iedereen.
Ik sloop mezelf.
Zelfdestructie.
Maar dan clean.
Gelukkig, ben ik niet de enige.
Mensen drinken, roken, blowen, spuiten, gokken, eten, snuiven zich kapot.
De grootste ontkenner is degene met de grootste angst voor de waarheid.
Geboren worden om dood te gaan.
Kopje onder in een belachelijke maatschappij.
Consumeren tot je in fik wordt gestoken, of onder de grond ligt.
En zelfs dan heb je geen rust.
Zelfs de dood is commercieel.
Net als de geboorte trouwens.
Wat een circus komt daar bij kijken.
Blijde Doos dit en Felicitatiedienst dat.
Kaartjes, muisjes en beschuit.
Moederdag, vaderdag.
Valentijnsdag.
Zeg Maar Dag Met Je Handje-dag.
Oud en nieuw.
Bij de Aldi staat een Straatkrantverkoopster.
Ze heeft een lief gezicht en groet heel aardig.
En dat doet ze ook als ik weer naar buiten kom en als ik even later mijn karretje terugzet.
Aldi is leuk als je er rondloopt om je te verbazen dat boodschappen echt een stuk goedkoper zijn dan ergens anders. Dat je kunt lachen om de bizarre merknamen.
Aldi is geen ruk aan als het pure noodzaak is.
Met drie dikke tassen voor amper twintig euro loop ik met een schuldgevoel (dat is lang geleden, trouwens) langs het meisje met de Straatkrant.
Ik heb geen losgeld, dus ik kan haar krant niet kopen.
Ze zal wel denken: “Drie tassen vol en geen geld voor een krantje van mij?”, maar ze blijft me lief glimlachend begroeten.
Ze weet niet dat ik al die shit in die tassen wel hier moet kopen, uit noodzaak.
We hebben het niet breed.
Mede door mijn afvalligheid in de maatschappelijke molen.
Ik ben het zand in onze financiële raderen.
Maar hoe krom wil je het hebben: zij staat daar de hele dag.
Afhankelijk van de gulle koper.
Dan kan ze weer verder met de volgende dag.
Ik heb een koophuis, een auto, drie tassen met boodschappen, noem maar op.
Het is appels met peren vergelijken, ik weet het, maar een beter voorbeeld van ons Gelukkige Nederland, (volgens JP), is er niet.
Met een rotgevoel en verward door alles wat van binnen om voorrang strijdt, open ik de auto.
Ik kijk met haar ogen. Ik vul haar gedachten in.
“Ook nog met de auto boodschappen doen, maar geen krantje van mij kopen.”
Als ik thuiskom, kijk ik met de ogen van het bezoek dat ons dit weekend te wachten staat.
Ik zie de verwaarloosde voortuin.
Als sinds we hier wonen maken we allerlei plannen, maar het is nog steeds een wildernis.
Ik zie de beschadigde verf op de voordeur.
De plinten in de gang die weer loszitten, of nog steeds niet vastzitten.
De wc-brillen zijn zowel boven als beneden stuk.
De vingerafdrukken van Terri op de deuren.
De overtrek van de bank die is verschoten en weer in de was moet.
Beneden en boven moet nog zoveel worden gedaan.
(Ooit besloten om er mee verder te gaan “als we er wonen”… Nooit doen!)
Isolatie, afschotten, verven, timmeren.
In willekeurige volgorde.
Maar het komt er allemaal niet van.
Ik loop terug naar de auto om de laatste tas te halen en zie dat die wel heel erg toe is aan een wasbeurt.
Binnen en buiten.
De strip van het portier zit los en ik trek ‘m eraf.
Kit blijft zitten.
Verloedering en verval in de gloria.
Op de stoep ligt een dode duif ligt te ontbinden in een stralende zon.
Het belooft weer een warme dag te worden.
Godverdomme! Gert en Hermien zitten gelijk in mijn hoofd!
Alle duiven op de dam.
Shalalalie.
Shalalala.
Gedoemd om uit de lucht te vallen, overreden te worden of opgevreten door de plaatselijke Chinees.
Als ware lemmings met ons blik op oneindig waggelen we door.
Tot het gaatje.
De rand van de afgrond.
Afgrond: de plek waar de grond af is.
Gek.
Met pijn in mijn hele lichaam een overweldigend gevoel van lamlendigheid en een dikke laag bewolking in mijn hoofd zet ik de oude laptop aan.
Alles doet het nog.
Misschien moet ik alles maar weer eens op een rijtje zetten en er de rest van de wereld mee verblijden.
Het helpt mij vaak om de boel te luchten.
Dat dan weer wel.
Inloggen op Egoecho.
Typerdetyp.
Honey I’m home.
Sweety darling.

Laatste reacties