“Gaan we met de trein?”

“Opa, gaan we met de trein?”
Ze staat met haar opa vlakbij het invalidepoortje naar de metro.
“Gaan we met de trein?”
Ze is te groot voor de wandelwagen waar ze in zit; haar voeten slepen slap over de grond.
“Gaan we met de trein?”
Ze heeft een snottebel, maar zelf heeft ze er geen last van en opa ziet het niet.
“Gaan we met de trein?”
Ze blijft stug de vraag herhalen, steeds iets harder en begint te hoesten.
“Gaan we met de trein?”
Ze ziet er niet goed uit. Smoezelig en bleek. Klitten in haar haar. Een scheur in haar vieze jas en een veel te grote maillot.
“Gaan we met de trein? Opa? Gaan we met de trein?”
Opa sjokt en duwt haar voort. Kijkt glazig voor zich uit en negeert haar.
Ze gaan niet met de trein.

11 gedachten over ““Gaan we met de trein?”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s