Het rumoer kraait

De schilders zijn er. Ze beginnen al vroeg. Dan gaat de radio aan. De muziek mengt zich met huilende schuurmachine, hak-, kras- en schaafgeluiden en de geur van terpentine. En dan daar maar zoveel mogelijk overheen roepen naar elkaar. Meefluiten met de muziek op de radio. Nog niet eens heel erge kutmuziek, maar de geluidskwaliteit hè? Beroerd. Alles treble, teveel hoog, allemaal shizzle. Veel oude krakers, zowel bij de schilders als op de radio. Ik denk dat het de Top2000 is. Of iets van die strekking.

Ongeveer elke twee uur wordt het weer even stil, of tenminste: iets rustiger in de straat. Dan gaan ze pauzeren. Om na een kwartier of een half uur weer fluitend, roepend, lachend de straat te heroveren. Radio aan en weer aan de slag. Eén dezer dagen komen ze ook naar boven. Dan zijn de balkons aan de beurt. Ik hoop dat ik voor die tijd dood ben.
Ach, het is misschien iets overdreven. De buitenboel moet nu eenmaal worden onderhouden. Ik betaal niet voor niets huur, dus het is in zekere zin waar voor mijn geld. Maar ja. Ik ben vet ontregeld door die mannen. Mijn comfortzone is nu al een paar dagen op vakantie. Die wel.

Ah, nu komt er een veegwagen de straat in. Zwaailichten weerkaatsen op de muur, nog meer herrie. Ik doe mijn best om ook daar een positieve zwengel aan te geven; de straat weer schoon en leefbaar. Geen lachgasflesjes meer, geen zwerfvuil in het algemeen. Fijn.
Straks komt de bus van Sandd kratten post brengen voor de benedenbuurman. Dat gebeurt met een hoop gooi- en smijtwerk en ook de radio in de bus staat op tien. Meezingen, zo hard mogelijk. Met een beetje wringen kan ik daar ook een prettig gegeven van maken. Dan wordt de volgende dag de post gewoon weer bezorgd. Post waar niemand op zit te wachten, oké, maar het gebeurt tenminste.

En toch, als bewoner probeer ik juist altijd zo stil en onzichtbaar mogelijk te zijn.
Ik zucht, hard en diep. Was ik maar een schilder, postwagenchauffeur of gemeentewerker, dan kon ik me gewoon helemaal laten gaan in andermans omgeving. Heerlijk lijkt me dat.
Het zijn ook altijd mannen. Grote mannen. Mannen met shaggies en werkschoenen. Mannen met borst- en okselhaar tot over hun oren. Lawaaiige mannen, stinkende mannen. Behalve dan die ene die me gisteren op zachte, vriendelijke toon waarschuwde voor de natte bergingsdeur toen ik met mijn fiets naar buiten kwam om naar de trein te gaan.

20 gedachtes over “Het rumoer kraait

  1. O dit is erg, echt erg, ik voel met je mee, het voordeel is dat je weer een verhaal hebt hierdoor, maar een verhaal met rust er in is ook goed hahah ,ik hoor het gewoon, weet je wat? Ik ga maar even een straatje om, even weg uit de herrie.maar mooi opgeschreven en ik leef met je mee sterkte met alles

    1. Nou, dat vrouwtje ben ik ook hoor, maar dan met een ongeschoren kop. Oh, wil je echt water zien branden: vraag of ze willen zitten als ze van je toilet gebruik willen maken. Probeer niet eens uit te leggen dat het een smerige gewoonte is, dat staan. Liefst zou ik keihard weigeren, maar ja, ik ben een man zonder ruggengraat. Ook lastig trouwens. Ik dweil de hele dag over de vloer. Gedoe.

      1. Prachtig antwoord! Ik heb het al opgegeven met mn vriend maar de schat kookt en wast af. Dus ik zeur maar niet. Wacht dat niet zeuren is door de koffie die hij maakt voor ik uit bed kom. SLappe dweil schaamte.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s