Rozenstruik

Iedere zondag belde hij bij haar aan. En elke zondag voordat hij aanbelde, knipte hij een roos uit de rozenstruik die even verderop zomaar in een gemeentetuin groeide. Waarschijnlijk onbedoeld, overgewaaid, of misschien was die tuin ooit van iemand geweest. Het maakte ook niet uit. De struik stond daar en bood haar prachtige bloemen aan. Elke week weer opnieuw gaf hij haar de roos wanneer ze met een glimlach opendeed. Haar ogen lachten niet mee, niet echt, daarvoor was haar verleden te verdrietig. Al had hij daar geen weet van. Hij gaf haar alleen de roos en zij pakte hem aan. Zonder woorden. Ze hield ‘m dan altijd heel even omhoog, op ooghoogte en keek hem dan langs de bloem aan. Alsof ze een toost uitbracht met de roos. Hij knikte dan altijd heel even en draaide zich dan om. Hij zag nooit hoe zij de deur dan weer dichtdeed, hij hoorde alleen de zachte klik van het slot.
Wanneer hij dan amper twee tellen later het tuinpad af was gelopen, keek hij snel even om. Zij stond dan altijd voor het raam met de roos nog in haar handen, voorzichtig, zodat ze zich niet prikte, draaide ze de bloem aan de steel rond. Dan verdween hij om de hoek en liep uiteindelijk opnieuw langs de rozenstruik. Tot volgende week, zei hij dan in zichzelf. En hij stelde zich voor dat de struik hetzelfde tegen hem zei.

11 gedachten over “Rozenstruik

  1. Ach dit is mooi….misschien dat ze eens door dit trouwe wekelijkse gebaar ooit eens over haar verdrietige verleden heen groeit evenals de rozenstruik blijft groeien om hem en haar een plezier te doen…mooi

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s