Maximiliaan

Max, mijn collega-schrijver die ook wel eens de boel op pauze zet, die weet het al. Hij weet al wat er in de lucht hangt, hij weet al van de bewolking die samentrekt boven deze schuilhoek van ons aller digitaal leven. Ik heb hem namelijk al ingelicht. En u, lieve lezer, zult daarover morgen meer horen. Is dit een teaser of niet? Nee? Cliffhanger dan? Dus dat je lekker bungelt aan een rotspunt en dan maar hopen dat je niet te pletter stort met je zere vingertjes. Of erger: die hele rotspunt breekt af en je flikkert met gesteente en al het ravijn in, da’s lekker dan zeg.

Maar gelukkig is het allemaal zo erg niet. Welnee. Weet je, ik verklap alvast dat ik eind deze week ga verhuizen. Ik verlaat WordPress voor een ander. Zo simpel is het.
En Max wist dat dus gisterenmiddag al, omdat we elkaar op het station in Gouda tegenkwamen. Hij zag mij, om precies te zijn. Ik stond wat voor me uit te staren, waarschijnlijk in mezelf mompelend en met een frons. Zoiets. En toen hoorde ik ineens naast mij iemand mijn naam zeggen. Met een licht vragende buiging aan het einde, dus bij de laatste letter daar ergens. Dus ik kijk opzij en zie Max. Zo gaat dat dan. Was leuk. Toch alweer iets van een jaar geleden dat we elkaar zagen, dus dan is een ritje Gouda – Rotterdam Alexander net voldoende om het hoognodige bij te praten. Dus ik hoor mezelf ineens mijn grote geheim prijsgeven. Puur uit paniek, want ik moet sociaal gezien toch iets melden, lijkt mij. Daarbij, Max is nu eenmaal een zeer trouwe lezer van een der vroege uren die ik graag een primeurtje gun.

(En, oh ja, los hiervan: het gaat goed met hem. Ook fijn. Dat u het weet. U krijgt trouwens allemaal zijn hartelijke groeten, dat ook. Niet dat ie dat echt zo zei, maar ik weet gewoon dat hij dat wel zou hebben kunnen zeggen. Zo is die jongen gewoon.)

Nou, vooruit, omdat ik nu toch al enigszins de boel heb geroeptoeterd, kijk maar alvast even op mijn nieuwe plek in aanbouw en ontwikkeling. De boel staat nog in de steigers en de verf is nog nat. Toch trek ik er donderdag al in. Gewoon, omdat het er de tijd voor is. En omdat 5 april een geinige datum is, vind ik. Ik bedoel maar: 5 4 1 9, mooi toch? Kijk dan, vijf plus vier is negen keer één is ook weer negen. Ja, maak me gek, of niet! Ik ben dol op dit soort nummertjes trekken, echt hoor.

Goed, als je dan toch daar bent, dan zul je zien dat er al wat schrijfheid te vinden is, dingen die je de afgelopen tijd ook hier kon lezen. Ik had gewoon zomaar mijn eigen parallel universum. Leuk hoor. Lekker de boel testen en doen.

Maar nee, wacht, ik wilde eigenlijk zeggen dat wanneer je daar bent, dat je dan even helemaal naar beneden moet scrollen. Dan kun je je alvast aanmelden. Want ik hoop natuurlijk dat ik ook de lezers die via de Worpress-reader meelezen als het ware mee kan slepen. En ook de lieverds die zich destijds en door de vele jaren heen al via e-mail hier hebben aangemeld: om mijn post te blijven ontvangen moet je je opnieuw aanmelden. Vandaar. Dus doe dat, dan maak je mij ook weer blij. En wie wil dat nou niet?

Oké, morgen ga ik er nog een verhaal over ophangen, met een beetje meer achtergrond over het waaromnoutoch en een toefje herhaling van zetten van wat je nu al hebt gelezen, maar dan ben je nu alvast mentaal enigszins voorbereid. Het is vrijdag voor je het weet.