Gordijnen

Het mijn en dijn dijt uit
te goor voor woorden

Oogjes dicht, mondkapjes voor
en wie zoet is krijgt lekkers

Op de deur naar het hiernamaals prijkt een briefje
dwangbevel

De buurman met zijn eeuwige fles in de hand hikt en grinnikt
ik las drankbevel

De luiken gaan toe
het hemeltergende water wast de straten
vuilbekkend schoon.